Brief Encounter / Bovary

Brief Encounter kent natuurlijk ook een Bovary-motief: niet alleen vanwege de provincialiteit van de het hoofdpersonage, en de saaie maar goedige man, maar ook omdat Laura's onvervuldheid in verband wordt gebracht met haar bioscoop- en bibliotheekbezoek.


Daarnaast is de film, net als Flaubert's boek, een product van buikspreken. "Bovary, c'est moi!,' zei de franse schrijver, en hij vond de vrije indirecte rede uit om de complexe, ironische, melodramatische identificatie met een vrouw om wie hij huilt en die hij (campy, maar liefdevol) bespot weer te geven. 

Voor Brief Encounter ontwikkelden David Lean en Noel Coward een malle 'vrije indirecte' film- en vertelvorm. Richard Dyer stelt in zijn BFI-boekje over de film dat de film een paradoxale 'stem' heeft: enerzijds is het duidelijk een vrouw die aan het woord is, maar aan de andere kant spreken mannen (Coward, Lean) via haar stem.



Vandaar, zo lijkt hij te suggereren, is de film ook een klassieker onder homo-mannen geworden. Het is de ultieme campy tekst, die tranen oproept, maar ook op een ironische manier geciteerd wordt op feesten en partijen. Het campy citeren van de tekst herhaalt immers wat de tekst zelf doet: het spreekt met dubbele tong, twee stemmen, vrij en indirect, en vermengt zo twee tegenstrijdige gevoelens: pathos en afstand, verlies en een ironische afstand van dit verlies. 

Reacties

Populaire posts van deze blog

You Were Never Really Here

Homeland

Miami Vice