S2E4 culmineert in een biecht-scene, waarbij het onduidelijk is of de biecht geveinsd, gespeeld, komisch - onderdeel van een flirt-ritueel (dat, zo zagen we eerder in de serie, altijd ironisch is). Ook hier flashbacks naar Boo. Maar nu zijn het echt 'flashes.' Ze zijn niet meer gegoten in de anekdotisch-narratieve vorm. In de Biecht bekent Fleabag dat ze iemand nodig heeft die guidance geeft, bijvoorbeeld een priester, ook al gelooft ze niet in God. De priester echter, geeft in deze scene geen enkele guidance. Zijn commentaar beperkt zich tot 'it's ok. Go on,' en '.. and...?' Deze biecht is een spiegeling van de therapiesessie in S2E2, hierin opent de therapeut met de opmerking: 'it's best not to make jokes here, in case things get lost in humorous translation." De centrale vraag van de serie is natuurlijk: what gets lost in humorous translation?
1. Fleabag gaat over de manier waarop humor enerzijds functioneert als een mechanisme van repressie, maar anderzijds het verdrongene laat terugkeren - maar op een speelse, afstandelijke manier, waardoor het werk kan doen (rouwwerk, durcharbeitung ). 2. De serie combineert twee tonaliteiten (komedie en drama) en daarmee ook de twee 'tempo's' die bij deze modi hoort: de regelmatige 'beat' van de sitcom (met 20-minuten durende reeksen van nevengeschikte situaties, waarin nooit een echte doorbraak kan zijn, en de personages vast lijken te zitten in hun onderlinge web van relaties) met het ritme van drama, waarin we wachten op een doorbraak, verandering, inzicht, bildung, closure. 3. Humor, zo toont de serie (bijvoorbeeld in zus-zus-situaties) is in sociale situaties zowel een uiting van agressie als een ontkenning ( aufhebung / sublimering ) van deze agressie. (Zie bijvoorbeeld S1E1 waarin de zussen een feministische lezing bijwonen). 4. In de eerste afleveringe...
In The Soul at Work onderscheidt Bifo twee modaliteiten waarop het begrip 'wealth' begrepen kan worden: op een economische manier, als 'koopkracht,' en op een niet-economische manier, als de mogelijkheid om vreugde te ervaren. Op het moment dat het economische de overhand krijgt, en we al onze psychische energie investeren in het accumuleren van consumptiemogelijkheden , dan ervaren we, volgens Bifo, de daadwerkelijke consumptie steeds meer op een vreugdeloze manier. '[W]hat is really experienced is the production of scarcity and need, compensated by a fast, guilty and neurotic consumption because we can't waste time; we need to get back to work." (82) De overdaad aan digitale culturele consumptiegoederen (series, boeken, films muziek) en het gebrek aan schaarste betekent dat alles snel-snel-snel geconsumeerd moet worden. Tijd voor vreugde is er niet meer. Of liever: de vreugde zit enkel nog in de aanschaf van boeken, en de toegang tot muziek en films. ...
Reacties
Een reactie posten